Inloggen Social Schools

Jenaplanonderwijs

De Keg is een openbare jenaplanschool. Openbaar, omdat wij geen onderscheid maken tussen achtergronden en levensovertuigingen, de school is in principe toegankelijk voor iedereen.

Als jenaplanschool zijn wij een leef-/ werkgemeenschap van kinderen, ouders en teamleden. Leren en leren leren vinden we erg belangrijk, maar we willen vooral dat de kinderen zoveel mogelijk kennis en vaardigheden opdoen van en voor het leven. Een kritische grondhouding vanuit respect en vertrouwen vinden we daarbij erg belangrijk. In onze leef-/werkgemeenschap wordt SAMEN met hoofdletters geschreven.

Hoe we met elkaar omgaan krijgt veel aandacht. Op onze school zitten de kinderen in stamgroepen. In zo’n stamgroep zitten drie verschillende leeftijden bij elkaar. Dit brengt heel verschillende sociale rollen met zich mee, maar ook het zich sterker bewust zijn van de eigen ontwikkeling. Ieder kind wordt aangesproken op de eigen verantwoordelijkheid voor zijn ontwikkeling.

Zelf plannen van je werk en zelfstandig werken zijn, naast samenwerken, vaste onderdelen in ons onderwijs. Een stamgroep is géén combinatieklas! De kinderen leren en werken samen en zitten ook gemengd in tafelgroepen.

Op onze school leren en leven we écht samen; De Keg, school waar je leert samenleven!

 

Wat is een jenaplanschool?

Een jenaplanschool is een leef- en werkgemeenschap van ouders, kinderen en leerkrachten, waarin kinderen worden begeleid zich te vormen tot kritische – en zelfstandig denkende mensen die zich verantwoordelijk voelen voor anderen en hun omgeving. Iedere jenaplanschool is verschillend.

De uitgangspunten zijn voor alle jenaplanscholen hetzelfde, maar elke school vult dit op haar manier en met haar mogelijkheden in. Iedere school is immers anders. Is het een grote of een kleine school, is het een buurtschool of een streekschool, een stadsof een dorpsschool? Uit welke gezinnen komen de kinderen, hoe zijn de kwaliteiten van het team, hoe is de betrokkenheid van de ouders bij de school?, enz.

De meeste jenaplanscholen in Nederland hebben zich aangesloten bij de Nederlandse JenaPlan Vereniging (de NJPV). De uitgangspunten, zoals Peter Petersen die vroeger in Jena geformuleerd heeft, zijn door de NJPV voor onze tijd opnieuw doordacht en geformuleerd in de zogenaamde 20 basisprincipes van het jenaplanonderwijs. Alle jenaplanscholen onderschrijven deze basisprincipes en hebben deze in hun schoolplan opgenomen. Deze basisprincipes zijn richtinggevende uitspraken over de mens, de maatschappij en de school

In onze jenaplanschool proberen we zoveel mogelijk tegemoet te komen aan de individuele ontwikkelingen en de basisbehoeften van het kind. Wij werken met een ritmisch weekplan waarin de vier basisactiviteiten gesprek, spel, werk en viering steeds afgewisseld worden.

Waarom noemen we ons weekplan ritmisch?
  • Er is een ritmische afwisseling van spanning en ontspanning binnen de week en gedurende de dag.
  • Gesprek, spel, werk en viering vormen in hun afwisseling de bouwstenen van de week. De tijd voor iedere basisactiviteit is sterk wisselend. Dat hang mede af van wat er speelt in de groep, de behoefte van de kinderen, of van de groep of wat er geleerd moet worden binnen de zaakvakken. Grote concentratie en motivatie In het kort worden de vier basisactiviteiten hierna toegelicht.

Gesprek 

  • We streven ernaar dat in gesprekken alle deelnemers gelijkwaardig zijn;
  • Er is gerichte aandacht voor gespreks-doelen, regels en taken;
  • Gesprekken vinden ook plaats in kleine groepjes, bijv. de tafelgroep. In dergelijke gesprekken gaat het om: samen overleggen en beslissen het bespreken van ervaringen en meningsvorming; 
  • Maar bovenal praten spelende en werkende kinderen en groepsleiders op informele wijze met elkaar.

Spel

Spel is zeer belangrijk voor een evenwichtige emotionele ontwikkeling. Door het spel vindt een kind mogelijkheden om de indrukken en gevoelens die het heeft opgedaan, te verwerken. Het kan zijn angsten en boosheid kwijt, het kan zijn plezier en blijdschap uiten. Het spel is eveneens van belang voor de sociale ontwikkeling. Door het spel kunnen kinderen zichzelf en elkaar leren kennen en accepteren. Ze leren rekening te houden met elkaar, teleurstellingen te verdragen, enz. Het spel kent vele vormen. We kunnen onderscheid maken tussen vrij, geleid en begeleid spel. De rol van de stamgroepleider is dus steeds verschillend. Een speelse en open houding van de stamgroepleider vormt een belangrijke factor in de ontwikkeling van spel in de school.

Werk

De belangrijkste vormen waarin ‘werk’ een centrale plaats inneemt zijn:

  • de blokperiode;
  • alle lesmomenten in de diverse vak-/ vormingsgebieden
  • werk ten behoeve van de hele school, zoals opruimen, schoonmaken, het plein en omgeving netjes houden, enz.
  • wereldoriëntatie: onderzoeken, maken en construeren, experimenteren

In elke bouw kennen we het blokuur of blokperiode, waarin tal van activiteiten plaatsvinden. In een blokperiode leren de kinderen onder eigen verantwoordelijkheid hun werk te plannen, uit te voeren en te evalueren. Hiertoe behoort ook het structureren van werk, zelfstandig omgaan met materialen, plannen en inschatten van de duur van de werkzaamheden, zelfredzaamheid, samenwerken en helpen. Hiermee vergroten we het eigenaarschap van kinderen. In een blokperiode vinden vaak meerdere instructiemomenten plaats. Een groep kinderen krijgt instructie, terwijl de rest van de stamgroep zelfstandig doorwerkt. Op de Keg kennen we (over het algemeen binnen de stamgroep) niveau cursussen. Dit zijn langlopende cursussen gericht op het verwerven van kennis en vaardigheden:

  • rekenen en wiskunde
  • Nederlandse taal en spelling 
  • technisch en begrijpend lezen

Viering

Vieren is samen beleven, samen delen van gevoelens en ervaringen. Op de Keg wordt het week- en jaarritme sterk bepaald door de vieringen. Om er enkele te noemen:

  • weekafsluiting in de stamgroepen;
  • weekopeningen;
  • “Samen” de week starten;
  • schoolvieringen door kinderen, ouders en/of team
  • verjaardagen;
  • seizoen- en andere schoolfeesten
  • afscheid van kinderen die naar een andere bouw gaan of van school vertrekken
  • afscheid van teamleden, enz.

Bij vieren gaat het om: gemeenschap. Het samen delen van ervaringen. Maar kinderen leren ook om iets te laten zien. Hoe het is om op een podium te staan en iets te presenteren. In een viering komt dolle pret voor naast ademloze stilte en weten we als schoolgemeenschap ook vierend vorm te geven aan verdriet en rouw.